3/146
Startpagina / Albums / Label /

Woningen aan de voorheen Achterstraat, Froenstraat en nu Bernard

Fotogroottes dia-voorstellingLaat bestandsmetadata zien Faces Visages
NL-LsHKL_F001_0113_0113 Huis aan b leurink.jpg Uitzicht vanuit MartinustorenMiniatuurafbeeldingenDokterswoning hoek Enschedesestraat OldezaalsestraatUitzicht vanuit MartinustorenMiniatuurafbeeldingenDokterswoning hoek Enschedesestraat OldezaalsestraatUitzicht vanuit MartinustorenMiniatuurafbeeldingenDokterswoning hoek Enschedesestraat OldezaalsestraatUitzicht vanuit MartinustorenMiniatuurafbeeldingenDokterswoning hoek Enschedesestraat OldezaalsestraatUitzicht vanuit MartinustorenMiniatuurafbeeldingenDokterswoning hoek Enschedesestraat Oldezaalsestraat

Woningen aan de voorheen Achterstraat, Froenstraat en nu Bernard Leurinkstraat. Het pand bestond uit twee woningen en in het midden een deel waarin later W Morsink een drogisterij dreef. Later van Doorn.
Van 1869 tot 1877 bewoond door de heer J. Kleinsmid, gemeentearts,die daar is overleden. Pas in 1898 kwam kwam er weer een nieuwe dokter, JG Freriks, die zich aan de Enschedesestraat vestigde.
Losser zat dus geruime tijd zonder arts, omdat het gemeentebestuur steeds maar weer beknibbelte op de jaarwedde. Dokter Kleinsmid ontving op het einde van zijn leven slechts 200 gulden jaarwedde. Toen in 1885 het aantal sterfgevallen vooral onder zuigelingen abnormaal hoog opliep besloot het gemeentebestuur de jaarwedde op te voeren naar 1000 gulden.

Locatie
Bekijk op OpenStreetMap
Fotograaf
onbekend
Bron
NL-LsHKL_F001-0113
Copyright
Onbekend
Beschrijving
Woningen aan de voorheen Achterstraat, Froenstraat en nu Bernard Leurinkstraat. Het pand bestond uit twee woningen en in het midden een deel waarin later W Morsink een drogisterij dreef. Later van Doorn.
Van 1869 tot 1877 bewoond door de heer J. Kleinsmid, gemeentearts,die daar is overleden. Pas in 1898 kwam kwam er weer een nieuwe dokter, JG Freriks, die zich aan de Enschedesestraat vestigde.
Losser zat dus geruime tijd zonder arts, omdat het gemeentebestuur steeds maar weer beknibbelte op de jaarwedde. Dokter Kleinsmid ontving op het einde van zijn leven slechts 200 gulden jaarwedde. Toen in 1885 het aantal sterfgevallen vooral onder zuigelingen abnormaal hoog opliep besloot het gemeentebestuur de jaarwedde op te voeren naar 1000 gulden.