Archief 'Het meisje in de Froenstraat' ...

en andere Lossernaren

het meisje in de Froenstraat Bertha Johanna Maria (Betsie) Knippers-Gröniger
Foto van de maand augustus 2010

Onder de titel ‘Het meisje in de Froenstraat’ is de Historische Kring Losser in april 2004 begonnen aan een project dat op 1 november 2005 heeft geleid tot de uitgave van een zeer bijzonder (foto)boek.
In de jaren 1979 tot 1995 maakte ons lid de heer Norbert Klein, destijds actief in de - helaas ter ziele gegane - ‘Hifo’ (Historische Fotoclub Losser), een serie van meer dan honderd portretten van bekende en minder bekende Lossernaren.
Het boek, waarvan in 2 drukken, ruim 900 exemplaren beschikbaar waren was binnen een halfjaar uitverkocht. Daarom tonen wij nu elke maand een andere foto uit het boek, met de bijbehorende tekstpagina.
In het archief zijn de namen van de geportretteerden opgenomen.

In de maand augustus 2010 was de beurt aan: Bertha Johanna Maria (Betsie) Knippers-Gröniger

Betsie Gröniger werd geboren op 26 januari 1935 op “Het Spinnert” in Overdinkel. Zij was een dochter van Johannes Hendrikus Gröniger, geboren te Neede en Hendrika Engelina Wageler, geboren te Lonneker.

Het boerenhuis “Het  Spinnert” ligt aan de Invalsweg en aan de Ruenbergerbeek op de zogenoemde “Vosbult” en was van oorsprong een kotten met een zogenoemde boavenkamer (aangebouwde kamer voor de oude boer) en een achterheerd (uitbouw zodat men rondom het vuur kon zitten). In oude aktes wordt dit huis  ook “Kotten ’t achtste part van Wilpelo” genoemd (het gewaarde erve in Overdinkel dat reeds in 1475 wordt vermeld). Een andere benaming voor “Het Spinnert” is Bekkers Huis. Berends Beckers was gehuwd met Feem ter Denge (Spinnertsfeem). Zij stierven kinderloos, waarna het erf aan het begin van de twintigste eeuw werd aangekocht door de r.k. kerk in Overdinkel. De familie Gröniger werd in latere jaren de eigenaar.

Daar op die historische boerderij groeide Betsie Gröniger op als het vierde kind in een gezin met vijf dochters en twee zonen.

Na haar schooltijd werkte ze in de huishouding bij dokter L. de Bruyn, in het grote karakteristieke huis aan de Gronausestraat.

Betsie Gröniger trouwde met Harry Knippers uit Losser, die samen met zijn vader een groentewinkel dreef op de hoek van de Brinkstraat/Kosterstraat. Nu staat daar de witte winkelflat met onder meer een vestiging van de textielketen Ter Stal

Betsie Gröniger ging werken in deze groentezaak en zoals veel zakenvrouwen van haar generatie moest zij de zorg voor haar gezin combineren met het werk in de winkel. Haar man ventte intussen de groente met paard en wagen. Tot in de zeventiger jaren ging hij zo langs zijn klanten.

Een neveninkomst van Harry Knippers was het rijden van de lijkkoets, waarvoor de koetsier en het paard geheel in stijl waren opgetuigd. De lijkkoets was een zogenoemde glaskoets, in de twintiger jaren geleverd aan de Lijkwagenvereniging Losser door de firma Huiskamp uit Winterswijk. In het glas rondom waren verschillende voorstellingen aangebracht. Op de grootste middelste ruit aan de zijkant stond een grote engel afgebeeld met een bazuin, verwijzend naar het Laatste Oordeel uit het Boek Openbaringen van Johannes. Een eerste klas begrafenis (ook bij uitvaarten waren rangen en standen), waarbij de zwarte paarden waren voorzien van dekkleden, manekappen en zwarte pluimen was een indrukwekkend gezicht.

Betsie Knippers heeft haar schoonouders en ook later haar man tijdens hun ziekte liefdevol verzorgd.

Nadat de groentezaak aan het einde van de tachtiger jaren gesloten werd, verhuisde ze naar een flat aan de overkant, aan de Kostersgaarden. Ondanks haar zwakke gezondheid had ze het daar goed naar haar zin.

Betsie Knippers-Grönniger overleed op 24 oktober 1999.