Archief 'Het meisje in de Froenstraat' ...

en andere Lossernaren

het meisje in de Froenstraat Andrea Maria (Dé) de Lange en Wilhelmina Maria (Willy) de Lange
Foto van de maand juni 2011

Onder de titel ‘Het meisje in de Froenstraat’ is de Historische Kring Losser in april 2004 begonnen aan een project dat op 1 november 2005 heeft geleid tot de uitgave van een zeer bijzonder (foto)boek.
In de jaren 1979 tot 1995 maakte ons lid de heer Norbert Klein, destijds actief in de - helaas ter ziele gegane - ‘Hifo’ (Historische Fotoclub Losser), een serie van meer dan honderd portretten van bekende en minder bekende Lossernaren.
Het boek, waarvan in 2 drukken, ruim 900 exemplaren beschikbaar waren was binnen een halfjaar uitverkocht. Daarom tonen wij nu elke maand een andere foto uit het boek, met de bijbehorende tekstpagina.
In het archief zijn de namen van de geportretteerden opgenomen.

In de maand juni 2011 was de beurt aan: Andrea Maria (Dé) de Lange en Wilhelmina Maria (Willy) de Lange

De zussen Dé (geb. 30 augustus 1916) en Willy de Lange (geb. 23 maart 1923) groeiden op in het gezin van drukker Herman de Lange en zijn vrouw W.M. de Lange - van Veluw, temidden van zeven kinderen. Herman de Lange, oorspronkelijk afkomstig uit Steenwijkerwold, was naar Utrecht vertrokken, waar hij drukker werd bij “Het Centrum”. Zijn vrouw was afkomstig uit Kampen. De ouders van Herman waren naar Losser gegaan en zo zal het gekomen zijn, dat hij in 1908 een drukkerij en boek- en kantoorboekhandel in Losser begon. “Want hier was nog niks”, zoals men vaak zei. Hij kwam vanuit Utrecht op de fiets, met bolhoed op en het boordje om. Adriaan Jassies, eigenaar van een voor die tijd moderne winkel aan de Kerkstraat, zei tegen hem: “Dat boordje moet je nooit afdoen. Ik kan het niet meer omdoen, want ik woon hier al te lang”. Herman heeft het ook nooit meer afgedaan, want het was toch een middel om je te onderscheiden van de grote toestroom van arbeiders, die toen naar Losser kwamen om te gaan werken in de textielindustrie in de omliggende plaatsen. Van 1892 tot 1915 groeide het inwonertal van de gemeente van 5237 tot 12447. Zo’n echtpaar uit de grote stad dat bij de middenstand hoorde, had het in een dorp als Losser niet gemakkelijk. De groep waarin men zich bewoog was maar heel klein. Mevrouw de Lange had het hier heel moeilijk mee. Zij kreeg direct de bijnaam “Het Jufferke”. Zo’n stadse dame was men niet gewend. Vanwege heimwee is zij nog weer enige tijd naar Utrecht terug gegaan. Zij kon heel mooi zingen en was graag lid geworden van het koor dat bijeenkwam in café Gelink. Maar vanuit het gevoel “wat verbeeldt die zich wel” en het altijd beducht moeten zijn op “of het geen klanten zou kosten”, kwam het er niet van.

De kinderen moesten van jongs af aan meehelpen in de zaak. Zo ook Dé en Willy. De copy voor de Katholieke Kerkbode werd door de kapelaan vaak pas om tien uur ’s avonds gebracht en het was vanzelfsprekend dat de krant dan ’s nachts gedrukt werd. Als tegen twee uur de persen moesten draaien werd één van de kinderen wakker gemaakt. Die hielp dan een uur mee en vervolgens was een ander aan de beurt. Ook bij het bezorgen, in die tijd bijna huis-aan-huis want Losser was overwegend katholiek, hielpen de kinderen vanzelfsprekend mee.

Dé en Willy waren graag ook naar de ULO gegaan, maar die hield in Losser alweer snel op te bestaan. Voortgezet onderwijs in Enschede of Oldenzaal was gewoon te duur en dus maar voor weinig kinderen uit het dorp weggelegd. En dan hadden de jongens voorrang. Willy werkte vijfentwintig jaar in Enschede, eerst bij een borduurinrichting en later als demonstratrice bij Singer Naaimachines. Dé hielp mee in de zaak, en volgde cursussen voor het boekhandelvak. De familie wilde een nieuwe zaak bouwen aan de overkant, maar ondervond bij het verlenen van de bouwvergunning veel tegenwerking. Burgemeester van de Sandt gaf prioriteit aan de bouw van de winkelflat aan de St. Maartenstraat. Procedures in Zwolle en een brief aan de Koningin en het feit dat de grondonteigeningen aan de St. Maartenstraat ook met gerechtelijke procedures gepaard gingen, maakten dat het nieuwe pand van De Lange in 1963 toch nog eerder gerealiseerd was dan de winkelflat, die zo’n prioriteit had. De familie woonde ondertussen een jaar in Oldenzaal, omdat de huur was opgezegd. De zaak vond een stukje verderop een tijdelijk onderkomen.

Dé had graag wat meer met boeken willen doen, vooral goede kinderboeken. Maar Losser had toen nog geen leescultuur. Met de komst van de ULO werden er wel meer studieboeken besteld. Ook religieuze zaken als missalen, rozenkransen, heiligenbeelden enz. waren in de winkel te koop. Willy begon later ook kunstnijverheid in het assortiment op te nemen. Vroeger kregen zij ook mensen in de zaak die vroegen om even iets voor hen op te schrijven. Altijd was er dan wel de smoes van: “Ik heb koude vingers”, of “Ik heb mijn handschoenen nog aan”. Pas later drong dan tot hun door dat zo iemand niet kon schrijven.

Dé en Willy de Lange sloten in 1989 de deur van hun winkel en zo kwam er een einde aan de drukkerij en boek- en kantoorboekhandel De Lange die ruim tachtig jaar een begrip was in Losser.

Dé overleed plotseling als eerste van de twee zussen op 25 november 2009.
Willy kon niet alleen blijven wonen en werd opgenomen in het verpleeghuis Bruggerbosch in Glanerbrug. Daar overleed zij op 27 januari 2016.