Archief 'Het meisje in de Froenstraat' ...

en andere Lossernaren

het meisje in de Froenstraat

 

Herman Nijhuis
Foto van de maand augustus 2012

Onder de titel ‘Het meisje in de Froenstraat’ is de Historische Kring Losser in april 2004 begonnen aan een project dat op 1 november 2005 heeft geleid tot de uitgave van een zeer bijzonder (foto)boek.

In de jaren 1979 tot 1995 maakte ons lid de heer Norbert Klein, destijds actief in de - helaas ter ziele gegane - ‘Hifo’ (Historische Fotoclub Losser), een serie van meer dan honderd portretten van bekende en minder bekende Lossernaren.

Het boek, waarvan in 2 drukken, ruim 900 exemplaren beschikbaar waren was binnen een halfjaar uitverkocht. Daarom tonen wij nu elke maand een andere foto uit het boek, met de bijbehorende tekstpagina.
In het archief zijn de namen van de geportretteerden opgenomen.

In augustus 2012 was de beurt aan: Herman Nijhuis

Herman Nijhuis werd geboren op 10 november 1914 in De Lutte. Maar zoals dat toen vaak ging in een dorp was hij alom bekend met de toevoeging van de boerderijnaam: “Haan’n Akkers Herman”.

Hij was de oudste van de drie broers, die al in de dertiger jaren speelden in de regionaal veel gevraagde band “De Oosttwentse  Gezellen”, beter bekend als “De Haan’n Akkers”. Herman Nijhuis bespeelde de saxofoon.

Van beroep was hij metselaar en hij trouwde met Annie Hooge Venterink.

Herman Nijhuis heeft veel betekend voor de Sint Plechelmusharmonie in De Lutte. Dit muziekkorps was al opgericht in 1902 onder de naam Bernardusharmonie. Maar in die tijd zag de plaatselijke bevolking deze groep muzikanten nog als “lawaaischoppers” die optraden op bruiloften en andere festiviteiten van meer algemene aard. En de kerkelijke overheid vond toen, dat zo’n korps alleen maar nut had voor de plaatselijke processie en de jaarlijkse bedevaart naar Kevelaer.

Herman Nijhuis maakte al in de dertiger jaren deel uit van de Sint Plechelmusharmonie. Na de moeilijke aanloopperiode was men in 1927 lid geworden van de Koninklijke Nederlandse Federatie van Harmonie- en Fanfarecorpsen. En ook de kerkelijke overheid was van argwanende toeschouwer een steunpilaar geworden, met name in de persoon van pastoor Rüding. Het korps had nu een officieel tintje gekregen, maar uniformen hadden ze toen nog niet; alleen een pet.

Na de Bevrijding kwam de grote opbloei. Herman Nijhuis zat in het bestuur, samen met de heren B. Sprik, G. Hooge Venterink en G. Wigger. Onder hun bezielende leiding groeide het muziekgezelschap steeds meer. Met behulp van de geestelijk adviseur kapelaan Ottink wist men grote sommen geld in te zamelen voor de aanschaf van nieuwe instrumenten.

In 1957 werd de pet ingeruild voor complete uniformen voor de inmiddels 55 muzikanten.

Herman Nijhuis is ook jarenlang dirigent geweest van het kinderkoor, waarvoor hij samen met zijn vrouw ook liedjes componeerde en de teksten schreef.

In zijn jonge jaren was hij een fanatieke voetballer en klootschieter. Maar ook andere sporten volgde hij met veel belangstelling. Voetballen was echter zijn grote favoriet. Hij speelde bij de VVDL in het Eerste Elftal. De spelers van dit vermaarde elftal werden de “Zwarte duivels” genoemd, vanwege de zwarte shirts die ze droegen.

Herman Nijhuis hield veel van de mooie natuur rond zijn geboortedorp en ook zelf tuinieren deed hij graag.

Hij stierf op 16 oktober 1997 te Oldenzaal.